Kerken

 

Onze-Lieve-Vrouwekerk

Pastoor Steenssensstraat, Beveren

Begin 1935 werd de parochie O.-L.-Vrouw van Bijstand opgericht omdat de Sint-Martinusparochie te groot geworden was. De pastoor wou zo vlug mogelijk een eigen kerk. Hij liet zonder subsidies een noodkerk bouwen, die echter nog steeds dienst doet. De nieuwe Onze-Lieve-Vrouwekerk werd ingezegend in 1936.

Sint-Jan Evangelistkerk

Floralaan, Beveren

Op 27 december 1971, de feestdag van Sint-Jan-Evangelist, wordt beslist om de nieuwe parochie en kerk de naam te geven van deze heilige. De noordkant van Beveren had midden twintigste eeuw uitzicht op sterke uitbreiding. Terwijl de plannen voor de Gaverlandwijk groeien, verschijnt in 1965 een studierapport voor de mogelijke inplanting van een kerk. Een nieuwe sociale wijk van dergelijke omvang vraagt immers om een kerk en parochie.

Eind december 1973 wordt de grond voor de nieuwe kerk definitief aangekocht. Architect Jos Ritzen krijgt de opdracht om een warm aandoende kerk te ontwerpen en legt op 1 september 1975 de definitieve plannen voor. De werken startten in 1977. De Gentse bisschop Van Peteghem metselt de hoeksteen in. Achter de hoeksteen is een nis waarin onder andere de oorkonde en kopieën van de bedelbrieven worden ingemetseld. De kerk wordt opgefleurd door zijn bijzonder kleurenspel, dat via de moderne glasramen in de ruimte binnenvalt. Deze glasramen zijn het werk van de gebroeders Meersman uit Aalst. Ze stellen ‘De Schepping’, ‘De Verrijzenis’, ‘O.-L.-V. van Gaverland’ en ‘mensen op weg naar licht’ voor. In de weekkapel is nog een afzonderlijk glasraam te bezichtigen.

In de inkom valt meteen de druivenrank van parochiaan Martin Van Vossel op. Aan de rank komen de namen van de kinderen die gedoopt worden, de eerste communicanten, de vormelingen, de trouwers en de overledenen. De kruisweg uit keramiek is ontworpen en gemaakt door Paul De Bruyne uit Gent. Bij elke statie schreef dichter Anton Van Wilderode (1918-1998) een passende bezinnings- en gebedstekst. De beelden in de kerk komen uit Beieren. Een Mariabeeld uit lindehout siert de weekkapel. In de kerk staan er nog een eikenhouten kruisbeeld, twee beelden uit gepolychromeerd hout van de apostelen Johannes en Petrus en tien kleinere beelden van de overige apostelen. Het koperwerk is van de hand van de reeds overleden parochiaan Boudewijn Maes. Hij ontwierp het tabernakel voor de weekkapel en de kerkruimte, de doopvont, het beeld van het Laatste Avondmaal aan het hoofdaltaar en de paaskaarskandelaar. In de open toren hangen twee klokken: de Sint-Jansklok (675 kg, ruim een meter hoog, diameter van 101 cm) en de Onze-Lieve-Vrouwklok (400 kg, hoogte en diameter van 85 cm).

Sint-Martinuskerk

Grote Markt, Beveren

De Sint-Martinuskerk was oorspronkelijk een Romaanse kerk uit de 11e eeuw. Door verschillende verbouwingen in de 19e eeuw kreeg deze kerk een ander uitzicht en andere stijl, namelijk sober neogotisch. De grootste verandering werd doorgevoerd in 1839-1840, toen de twee buitenste beuken werden aangebouwd. Hierdoor kreeg de kerk een compleet ander uitzicht. In 1886 werd de voorgevel in zijn huidige vorm herbouwd. De achtkantige toren uit de 13e eeuw, met dichtgemetselde galmgaten, is een typisch voorbeeld van de Romaans-gotische overgangsstijl. Eind 1997 startten grootse bouwkundige restauratiewerken van de daken en gevels en onlangs werden de binnenschilderwerken beëindigd. De kerk werd in 1944 beschermd als monument. De kerk is vooral bekend om het hart van de “heer van Beveren”, Adolf van Bourgondië, dat hier begraven ligt.  In het hoogkoor geeft een koperen plaat dit aan. Het was namelijk zo dat vroeger de personen van adel hun hart lieten begraven op de plaats waar zij tijdens hun leven het liefst verbleven hadden. Hun lichaam lieten ze dan begraven op de familiebegraafplaats of in hun geboortestreek.Onder de kerk zijn nog verschillende andere edellieden begraven maar hun grafstenen verdwenen bij de bevloeringswerken in de 19de eeuw. Ook zijn er waardevolle kunstschatten te vinden zoals het barokke hoofdaltaar, de preekstoel en het houtsnijwerk van het koorgedeelte.

Onze-Lieve Vrouw hemelvaartkerk

Hooghuisstraat, Doel

De kerk van Doel heeft een mooi spits torentje met drie verdiepingen en een gaanderij. Het is een eigenaardig mengsel van Romaanse, Gotische en Byzantijnse stijlen. De eerste steen voor de huidige kerk werd gelegd in 1851. De wijding vond plaats op 2 mei 1856. De harde grondlagen van de kerk situeren zich in Doel op een diepte van elf meter maar de houten palen die onder de toren geplaatst werden, reikten niet verder dan min zeven meter. Verzakking kon dan ook niet uitblijven en de kerk werd in 1984 uit veiligheidsoverwegingen gesloten. De renovatiewerken startten in februari 1996. De kerk werd eind juni 1998 terug in gebruik genomen. Het orgel werd in 1980 beschermd als monument.

Sint-Jacobus de Meerdere kerk

Keizerstraat, Haasdonk

In 1150, voor de bouw van de Sint-Jacobuskerk was er een bedehuis, afhankelijk van de parochie Melsele. In 1150 stichtte de bisschop van Doornik een parochie en stelde deze onder de bescherming van de heilige Jacobus. De huidige monumentale neogotische kerk dateert uit de tweede helft van de 19e eeuw. De kerk van Haasdonk is toegewijd aan Jakobus de Meerdere, een van de twaalf apostelen van Christus. Voor de zijgevel van de kerk staat het borstbeeld van hem. Dit beeld werd in 1719 door de Antwerpse beeldhouwer Willem Kerrickx de Oude gemaakt.

Volgens de legende ligt de heilige Jacobus begraven op de plaats waar nu de basiliek van Compostella staat. Hij is de patroonheilige van pelgrims onderweg naar Compostella. We vinden op de kerk een sint-jacobsschelp terug, het attribuut van Jacobus. De schelpen zijn herkenningspunten om kerken, kapellen, wegen en logies die belangrijk zijn voor de bedevaarders aan te duiden. Ook pelgrims dragen de schelp als herkenningsmiddel.

Sint-Petrus-en Pauluskerk

Sint-Paulusplein, Kallo

In 1179 werd de Sint-Petrus-en-Pauluskerk overgedragen aan de bisschop van Doornik en vervolgens aan de Sint-Pietersabdij van Gent. In de periode 1865-1869 krijgt de kerk haar huidig uitzicht, maar het interieur bevat heel wat oudere elementen, veelal uit de 18de eeuw. De kerk werd gerestaureerd van 1975 tot 1978 onder leiding van architect J. Franssens. Het 18de-eeuwse Van Peteghem-orgel werd in 1980 beschermd als monument. Dit orgel werd gebouwd door Lambertus-Benoit Van Peteghem en zijn vader Pieter. Het is een typisch Vlaams rococo-orgel met een schitterend en rijk klankbeeld. Het orgel werd in 1953 getransformeerd door de familie Stevens. Van de orgelkast is thans alleen nog de prospectzijde origineel.

 

Sint-Engelbertuskerk

Sint-Engelbertusstraat, Kieldrecht

De parochie Prosperpolder ontstond pas in 1907, als gevolg van de uitbreiding van de bevolking die nodig was voor de indijking van de polder. De Sint Engelbertuskerk werd gebouwd in neogotische stijl naar een ontwerp van Julius Goethals. Ze werd ingewijd op 4 september 1911. Bijzonder in deze kerk is de tribune die voorbehouden was aan de hertog en de hertogin van Arenberg, die de bouwwerken gesteund hadden. Zowel de tribune als de armstoelen zijn voorzien van het wapenschild van de families Arenberg en de Ligne.

Sint-Michielskerk

Marktplein, Kieldrecht

De oudste vermelding van het kerkgebouw te Kieldrecht gaat terug tot 1238.  Door de eeuwen heen is het kerkgebouw meermaals in verval geraakt. Dit kwam vooral omdat de streek geteisterd werd door oorlogsdreigingen en overstromingen. Tijdens de tachtigjarige oorlog werd de kerk zelfs als schans gebruikt door de Hollanders tegen de oprukkende Spanjaarden.

Met de tijd werd de bevolking van Kieldrecht  steeds groter, er was nood aan een grotere kerk. Talrijke verbouwingen volgden. Aan de voorgevel van het kerkgebouw is dit nog duidelijk te zien. In 1713 werd de nieuwe kerk ingewijd. In 1788 werd de bestaande vierkante toren gebouwd waarin een bronzen klok hangt die gegoten werd in 1805. In 1854 werd de kerk definitief uitgebreid in de huidige vorm. Hierdoor komen de galmgaten aan de oostkant van de  vroeger gebouwde toren maar gedeeltelijk boven het zadeldak uit. Het orgel in de kerk is van uitzonderlijke waarde en werd in 1762 gebouwd door  Pieter Van Peteghem. Charles Anneessens transformeerde het in 1869 en bouwde tevens de neogotische orgelkast.

Kapel Onze-Lieve-Vrouw van Gaverland

Gaverlandstraat, Melsele

Volgens de legende werd na de vondst van een miraculeus Mariabeeld onder een linde in 1511, ter plaatse een eerste bidhuis opgericht. Dat werd verschillende malen vervangen, tot in 1862 de huidige kapel naar een ontwerp van priester-architect Clarysse werd opgetrokken in neogotische stijl. Door de aangroei van het aantal bedevaarders werd in 1870 de kapel een laatste maal uitgebreid. De kapel en de woning van de kapelbewaarster zijn sinds 2003  beschermd als monument. Op het authentiek 18e-eeuws historisch Spaans orgel worden jaarlijks orgelconcerten gegeven. Vooral tijdens de maand mei komen talrijke bedevaarders naar de kapel en de beeweg van Gaverland.

De kapel is elke dag vrij toegankelijk:
van 8 tot 12u en van 13 tot 17u (winter)
van 8 tot 12u en van 13 tot 18u (zomer)

Onze-Lieve-Vrouwekerk

Kerkplein, Melsele

De eerste vermelding van een kerk dateert van 1055. Het huidige, grotendeels gotische gebouw werd van de 13e tot de 17e eeuw opgetrokken. Diverse aanpassingen werden tussen 1875-1880 uitgevoerd naar ontwerp van architect E. De Perre-Montigny (zijtorentje, torenspits, westportaal, maaswerk). In 1936 werden drie koren beschermd als monument. In 1982 werd deze bescherming uitgebreid tot de volledige kerk. Sinds 1987 werd de kerk gerestaureerd. Hierbij werden o.a. 2 ton brons en 1,2 km glazen staafjes verwerkt, 300 m raambruggen en 400 m² glas in lood hersteld. Bij deze restauratiewerken zijn gewelfschilderingen aan het licht gekomen, die van een grote kunsthistorische waarde zijn. Zij gaan terug tot de periode vlak na de bouw van de kerk.De restauratie van de Onze-Lieve-Vrouwekerk werd in 2001 genomineerd voor de Vlaamse Monumentenprijs. In 1995 werden in het hoogkoor  originele gewelfschilderingen uit de tweede helft van de 15e eeuw ontdekt. Elk jaar worden er orgelconcerten gegeven op het oorspronkelijk 18e-eeuws orgel, dat in 1969 zijn laatste restauratie kende.Het orgel is van 1750 en bezit nog de originele orgelpijpen. De Onze-Lieve-Vrouwkerk van Melsele bezit heel wat kerkschatten.  Prachtig zilverwerk, een merkwaardige verzameling koperen kandelaars en een prachtige gotische lichtkroon in brons.

 

Sint-Laurentiuskerk

Verheyenplein, Verrebroek

Volgens de vroegste plaatsvermelding werd in 1147 een eerste kerk opgericht. De driebeukige kruiskerk werd in delen opgebouwd tussen 1400 en 1765. In de 15e eeuw was Verrebroek door de moerontginningen een welvarend dorp. De huidige toren, behoudens enkele aangebrachte ornamenten uit de 19e eeuw en de klokvormige bekroning, is de verwezenlijking uit deze bloeitijd. Overstromingen en beeldenstormen teisteren de streek in de loop van de 16e eeuw en de kerk vervalt. Ze wordt heropgebouwd en in 1688 is de kerk voltooid zoals ze grotendeels nu nog voorkomt. De kerk werd gerestaureerd in 1946 (omwille van oorlogsschade), 1950 en 1978. Ze is een beschermd monument sinds 1944. Het koorgestoelte is afkomstig uit het voormalige Wilhelmietenklooster van Beveren. Op het front van het 18e-eeuws Van Peteghem-orgel zijn nog sporen te zien van het wapenschild van de hertog van Arenberg, die de orgelkast aan de kerk schonk. Het orgel kreeg tussen 1996 en 1997 een grondige restauratiebeurt.

De naam van deze kathedraal van de polders verwijst naar de heilige Laurentius, de patroonheilige van alle turfstekers.

 

Heilige Kruiskerk

Kerkstraat, Vrasene

De kerk, zoals men die nu aantreft, is het uiteindelijk resultaat van een vierfasige groeiperiode. De eerste fase(uit de tweede helft van de 12e eeuw)leverde een romaanse kerk op. In een tweede fase, van 1448 tot 1481 heeft men de romaanse kerk totaal omgebouwd in gotische stijl. Ook het interieur werd volledig gotisch. In een derde fase (tweede helft 17e eeuw) werden o.a. de daken van de benedenkerk en van het koor op gelijke hoogte gebracht. Tenslotte werden in een vierde fase twee zijkoren en een nieuwe sacristie toegevoegd. Dit werk werd uitgevoerd in 1877 onder de leiding van de St. Niklase architect Edmond Serrure. Hij heeft ook in 1885 de hele binnenruimte in neogotische stijl aangekleed en gepolychromeerd, waarvan alleen in het middenkoor en in de zijkoren restanten te zien zijn. Er kwam een grondige restauratie van de kerk tussen 1977-1986. Het oudste object in de kerk is het grafgedenkteken van de familie Braderik. Dit gedenkteken dateert uit de vijftiende eeuw, hetgeen vrij uitzonderlijk is voor deze streek. Het orgel werd op het einde van de 18e eeuw gebouwd door de gekende orgelbouwers Van Peteghem uit Gent. Het werd in 1930 getransformeerd, maar in 1986 opnieuw gerestaureerd volgens de oorspronkelijke toestand en vormgeving. Op 25 juli 1942 kreeg het gebouw met de omgevende kerkhofmuur bescherming als monument.

Links van de kerk staat de schandpaal, die dateert van 1765. Een vaantje met de wapenschilden van Vrasene en van het Land van Waas versiert de top. Eveneens links van de kerk bevindt zich het oorlogsmonument, een gedenkteken voor de oorlogsslachtoffers van de beide wereldoorlogen. Het werd in 1923 opgericht door het Vrasense gemeentebestuur, op verzoek van de Oud-Strijdersbond. De ontwerper-steenhouwer is onbekend. Na de Tweede Wereldoorlog werd het geactualiseerd. Aanvankelijk opgericht aan de andere kant van de kerk, op het voormalige kerkhof. In 1966, ter gelegenheid van de bouw van het nieuwe gemeentehuis, verhuisd naar de huidige plaats. Het is een praalzuil op een breed voetstuk, bekroond door een kapiteel met lauwerkrans.